Datapunten
…
Waar je staat
Zeven datapunten tussen de vaste momenten van Broederschap door.
26 sep
11 okt
15 jan
Vijf leeruitkomsten, elk minstens drie keer
Elk kaartje is een datapunt waar deze leeruitkomst aan bod komt. B betekent dat je bedrijfsbegeleider daar meebeoordeelt. Klik een kaartje om het datapunt te openen.
Het plan
Drie weken in. Je laat zien hóe je het gaat aanpakken — nog niet wat eruit komt.
Dit lukt omdat: Het canvas staat er al. Je hoeft niets te bedenken — alleen uit te leggen wat je al hebt.
Beoordelingscriteria in dit datapunt — 3 van de aanbevolen 2 tot 4
Wie beoordeelt
Bewijsmateriaal
Het plan
Je bent op de livedag van 26 september geweest en hebt in mannencirkels meegedraaid. Nu leg je op tafel wat je gezien hebt.
Dit lukt omdat: Criterium 10.1.3 vraagt om bijsturen, niet om vlekkeloos zijn. Elke misser die je opschrijft telt als bewijs in plaats van tegen je.
Beoordelingscriteria in dit datapunt — 3 van de aanbevolen 2 tot 4
Wie beoordeelt
Bewijsmateriaal
Het plan
Eén dag voor het mannenweekend. De eerste ruit is dicht: je weet nu welk probleem je oplost.
Dit lukt omdat: Je hebt de app vanaf dag één als hypothese opgeschreven, niet als opdracht. Dat staat zwart op wit in je afstudeeropdracht — dus deze verkenning is geen kunstje achteraf.
Beoordelingscriteria in dit datapunt — 4 van de aanbevolen 2 tot 4
Wie beoordeelt
Bewijsmateriaal
Het plan
Twee weken na het mannenweekend. De mannen van 5 tot 8 november zitten precies in de fase waar jouw onderzoek over gaat.
Dit lukt omdat: Je hebt een verse retreatgroep. Dat is een testconditie die je niet kunt namaken en die niemand anders zomaar krijgt — je beoordelaar weet dat.
Beoordelingscriteria in dit datapunt — 4 van de aanbevolen 2 tot 4
Wie beoordeelt
Bewijsmateriaal
Het plan
Het tweede ontwerpobject. Hier gaat het over geld én over geweten, tegelijk.
Dit lukt omdat: Criterium 10.5.1 vraagt je te beoordelen, niet op te lossen. De vraag stellen, onderbouwd beantwoorden en je ontwerp erop aanpassen is genoeg.
Beoordelingscriteria in dit datapunt — 4 van de aanbevolen 2 tot 4
Wie beoordeelt
Bewijsmateriaal
Het plan
Het laatste inhoudelijke datapunt, met opzet vóór de kerstvakantie zodat week 16 vrij is voor het stagedossier.
Dit lukt omdat: Op dit punt ligt er vier maanden bewijs achter je. Je hoeft niets meer te bedenken — alleen te tonen wat er al is.
Beoordelingscriteria in dit datapunt — 4 van de aanbevolen 2 tot 4
Wie beoordeelt
Bewijsmateriaal
Het plan
De reserve. Je hebt hem waarschijnlijk niet nodig — en dat is precies waarom hij er staat.
Dit lukt omdat: Een reserve die je niet gebruikt is geen verlies maar een verzekering. Hij vangt één tegenvaller op zonder dat je planning schuift.
Beoordelingscriteria in dit datapunt — 2 van de aanbevolen 2 tot 4
Wie beoordeelt
Bewijsmateriaal
De tekst hieronder staat er woord voor woord zoals de HAN hem aanlevert. Onder elk criterium staat hoe jij het aantoont, en in welke datapunten het nu gepland staat.
Je legt op 18 september het ontwerpcanvas op tafel. Vier fasen van de double diamond over 21 weken, en per fase noem je welke onderzoeksstrategieën je combineert: library en field om te beginnen, later lab en showroom. Dan wijs je de drie momenten aan waarop je de aanpak zelf tegen het licht houdt. Dat laatste ís "ruimte voor bijsturing" — en jij hebt het al getekend voordat iemand erom vroeg.
Je hebt drie perspectieven op tafel die niet dezelfde kant op wijzen: de man die na twee weken terugvalt in zijn oude patroon, Khyal en Frans die meer impact willen, en een organisatie die omzet nodig heeft om te blijven bestaan. Je legt ze naast elkaar en destilleert er één doelstelling uit die alle drie erkent. Dat is precies wat hier gevraagd wordt — en je hebt de perspectieven al binnen handbereik.
Je onderzoekslogboek heeft per ronde vier regels: wat wilde ik weten, wat deed ik, wat kwam eruit, wat verander ik nu. Die laatste regel is het criterium. Als je bij datapunt 2 kunt zeggen "mijn eerste interviewopzet leverde sociaal wenselijke antwoorden op, dus ronde twee deed ik met een probe", dan sta je er. Dit criterium beloont dat je bijstuurt, niet dat je het meteen goed had.
Na het mannenweekend van 5 tot 8 november zit je met een groep mannen die net iets heeft meegemaakt. Je doet één gestructureerde sessie: How Might We-vragen op de muur, Crazy 8s, clusteren. Je loopt weg met dertig richtingen waarvan je er zelf misschien tien had bedacht. Dat verschil tussen wat jij bedacht en wat er op tafel kwam, is het bewijs.
Je maakt niet één prototype maar drie, en bij elk schrijf je één zin: dit prototype beantwoordt vraag X, dáárom is het zo ruw of zo af. Een papieren doorloop in oktober, een klikbaar scherm in november, iets dat een man een week echt gebruikt in december. Het verschil in ruwheid tussen die drie ís de verantwoording waar dit criterium om vraagt.
Voor elke test schrijf je vooraf op wat je zou moeten zien om te geloven dat het werkt. Na de test staat er een besluit: dit gaat door, dit gaat weg, hierom. Een beoordelaar die dat vooraf en dat daarna naast elkaar ziet liggen, hoeft je niets meer te vragen.
Je vertelt hetzelfde verhaal twee keer, anders. Aan Khyal en Frans in hun taal: wat dit betekent voor de mannen en voor de omzet. Aan je expertdocent in de taal van het vak: welke methode, welke onderbouwing, welke beperking. Dat je die omzetting bewust maakt en kunt uitleggen, is het criterium — niet dat je mooi presenteert.
Khyal en Frans openen jouw planning en zien waar hun naam staat: begin november deelnemers werven, halverwege november een uur meekijken bij een test. Ze hoeven niets te vragen. En als een andere ontwerper morgen jouw plek zou innemen, kan hij verder waar jij gebleven bent. Het canvas doet dit werk al voor je.
Je houdt een deelnemersregister bij: naam, datum, rol, wat het opleverde. Twee livedagen, een mannenweekend, wekelijkse online mannencirkels, en een paar experts van buiten Broederschap. "Structureel" betekent dat het vooraf in je planning staat, niet achteraf in je verslag. Jouw agenda staat er al vol mee — je hoeft het alleen op te schrijven terwijl het gebeurt.
Naast elk ontwerpbesluit staan een naam en een datum. "Versie 2 kwam er omdat drie mannen op 11 oktober zeiden dat een dagelijkse herinnering voelde als schoolwerk." Voorbeeld ernaast, nabeeld eronder. Dit is het makkelijkst aan te tonen criterium van de twaalf — mits je het bijhoudt op het moment zelf in plaats van het achteraf te reconstrueren.
Je stelt de ongemakkelijke vraag hardop: wat gebeurt er met een man die na het weekend in een dal zit en jouw ontwerp opent? En: wat betekent het dat Broederschap geld verdient aan dit moment? Je hoeft die vragen niet op te lossen. Je moet ze stellen, onderbouwd beantwoorden, en laten zien wat je in het ontwerp veranderd hebt omdat je ze stelde.
Je schrijft je visie twee keer: één pagina in september, één in december. De decemberversie verwijst naar wat er tussenin gebeurde — het moment waarop het onderzoek een andere kant op wees dan je hoopte, en wat dat met je opvatting over ontwerpen deed. Dat je haar herzien hebt en kunt uitleggen waarom, is sterker bewijs dan welke mooie formulering ook.
Hier zie je welk criterium in welk datapunt zit; de kleur toont het beoordelingsniveau. Het loopt gelijk met De route.
| DP1vr 18 sep | DP2wo 7 okt | DP3wo 4 nov | DP4vr 20 nov | DP5wo 2 dec | DP6vr 11 dec | DP7wo 6 jan | × | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 10.1.1 | 2× | |||||||
| 10.1.2 | 2× | |||||||
| 10.1.3 | 2× | |||||||
| 10.2.1 | 2× | |||||||
| 10.2.2 | 2× | |||||||
| 10.2.3 | 2× | |||||||
| 10.3.1 | 2× | |||||||
| 10.3.2 | 2× | |||||||
| 10.4.1 | 2× | |||||||
| 10.4.2 | 2× | |||||||
| 10.5.1 | 2× | |||||||
| 10.5.2 | 2× |